Wezenpensioen
De kinderen van uw werknemer hebben recht op een wezenpensioen als de werknemer overlijdt. Het wezenpensioen gaat in op de eerste dag van de maand van overlijden en loopt door tot het kind 18 jaar wordt, trouwt of overlijdt. Kinderen die studeren of arbeidsongeschikt zijn en daardoor niet in hun eigen onderhoud kunnen voorzien, ontvangen wezenpensioen tot 27 jaar.
Kinderen
Met ‘kinderen’ wordt bedoeld:
- eigen en geadopteerde kinderen van de werknemer
- stief- en pleegkinderen die de werknemer als eigen kinderen opvoedt
Hoogte wezenpensioen
De hoogte van het wezenpensioen hangt af van het aantal jaren dat de werknemer tot het 60ste jaar aan de pensioenregeling zou deelnemen. Het wezenpensioen is dit aantal deelnamejaren maal 0,25% van de pensioengrondslag van de werknemer in het jaar van overlijden. Als de werknemer al uit dienst is, krijgt het kind na overlijden van de gewezen werknemer het wezenpensioen dat de werknemer had opgebouwd. Deze uitkering geldt per kind. Zijn beide ouders overleden, dan verdubbelt het wezenpensioen.